Ga naar de LiHSK-shop

Omgeving

Joost, een gevoelig kind met een ontwikkelingsvoorsprong
Joost is in groep 2 een vlotte leerling. Hij is erg leergierig en kan al lezen en schrijven. De school laat hem testen en hij geeft duidelijk blijk van een ontwikkelingsvoorsprong. Voordat Joost naar groep 3 gaat, verhuizen hij en zijn ouders naar een andere stad. Joost komt op een nieuwe school. Hij heeft het moeilijk. Hij mist zijn vroegere vriendjes en in de klas verveelt hij zich. Zijn moeder merkt zijn groeiende weerzin. Thuis luistert hij niet meer naar regels en grenzen, regelmatig heeft hij driftbuien. De ouders gaan maar eens praten op school. Ze leggen uit dat er eerder een ontwikkelingsvoorsprong bij Joost is geconstateerd, en dat hij meer uitdaging in de lesstof nodig heeft. De leerkracht van Joost voelt daar echter niets voor. Hij ziet Joost als een gemiddelde leerling. Wanneer de ouders vragen om een test wordt dat afgewezen: geen directe noodzaak. De aversie bij Joost om naar school te gaan groeit, en dat laat hij nu ook op school blijken. Zo kruipt hij tijdens de les op of onder zijn tafel, doet hij net alsof hij de lesstof niet begrijpt, geeft lollige antwoorden wanneer hem een vraag wordt gesteld en leidt hij met zijn gedrag andere kinderen af. Steeds vaker krijgt hij strafwerk of moet hij nablijven. In een gesprek met de leerkracht vragen de ouders van Joost opnieuw om een intelligentietest. De leerkracht laat echter de term PDD-nos vallen, want volgens hem is Joost ‘ernstig beperkt in contactlegging, met grote sociaal-emotionele problemen’. Hij suggereert dat er moeilijkheden thuis zijn en dat Joost deze op school afreageert. De ouders zijn verbijsterd. 

Viola, een hooggevoelig kind
Viola is een meisje dat weet wat ze wil. Ze is niet verlegen, maar heeft moeite met veranderingen en nieuwe situaties. Ze is gevoelig voor indrukken, met name lichamelijke aanrakingen komen diep bij haar binnen. Viola’s moeder herkent de sensitiviteit van haar dochter en geeft haar de ruimte die ze nodig heeft. Maar als Viola’s oma langs komt is de onrust in huis merkbaar. Oma wervelt binnen, omhelst Viola stevig en eist onmiddellijk het gesprek op. Ze stelt Viola allerlei vragen, en het meisje is zo overweldigd door de veranderingen en de aandacht die ze plotseling krijgt, dat ze zich terugtrekt bij haar moeder. Oma kan het niet laten om een opmerking te maken over het ‘moederskindje’ dat Viola in haar ogen is. ‘Kom eens bij oma zitten’, vraagt ze, maar Viola kruipt dieper weg bij mama. Viola’s moeder heeft meerdere keren aan oma uitgelegd dat het meisje erg gevoelig is en tijd en ruimte nodig heeft om aan een nieuwe situatie of een nieuwe bezoeker te wennen. Oma vindt het allemaal wel meevallen met die gevoeligheid. ‘En ik ben geen bezoeker, ik ben familie’, voegt ze er enigszins gepikeerd aan toe. ‘Het wordt tijd dat je haar eens loslaat. Dat kind is veel te schuw en te verlegen, veel te afhankelijk van jou. Ze moet maar eens wat flinker worden.’ Gevolg is dat Viola niet meer naar oma wil, en als oma langskomt verdwijnt ze naar haar kamer. Oma zegt dat ze zich de wet niet laat voorschrijven door een jong kind. Ze loopt naar boven en gaat Viola’s kamer binnen. Het meisje schrikt enorm, en reageert met een woedeaanval. Vervolgens is oma erg boos, weten Viola’s ouders niet wat ze met de situatie aanmoeten en is Viola zelf helemaal overstuur.
 

In beide gevallen kunnen de ouders nog zo’n ideale voorstelling hebben van een vriendelijke omgang met anderen, ze worden geconfronteerd met mensen die niet altijd even vriendelijk en open reageren op het gedrag van hun kinderen. Het kan gaan, zoals in genoemde voorbeelden, om een leerkracht of een familielid. Maar het komt ook voor dat andere kinderen (door bijvoorbeeld pestgedrag) een stempel drukken op het leven van je kind. De samenleving is bij lange na nog niet zover dat zij bewust kan omgaan met de kwaliteiten van kinderen van deze tijd: sensitief, intuïtief, begaafd, oplettend, vol verwondering, begripvol, hulpvaardig. Men ziet over het algemeen slechts één aspect van hun gedrag en trekt aan de hand daarvan (te snel) conclusies, die meestal klinken alsof er sprake is van een tekortkoming: veel te druk, erg verlegen en bang, sociaal-emotioneel achter, onhandelbaar enzovoort.Dat heeft zijn weerslag op de opvoeding. Het maakt de wereld voor deze kinderen namelijk heel onveilig, ongeacht hoeveel steun en bevestiging ze van hun ouders krijgen.

Hoe ga je daar als ouders mee om? Sommigen gaan de strijd met de wereld aan en willen de samenleving veranderen. Anderen laten het over zich heenkomen en reageren met een cynische machteloosheid - 'het heeft toch geen enkele zin'. Weer anderen negeren de problematiek. Zij hebben vooral behoefte aan goed contact met anderen en willen dat niet op het spel zetten door te praten in veelal beladen termen als 'hooggevoelig' of 'nieuwetijdskind'.

Waar hebben deze kinderen zelf behoefte aan? Zij willen bevestigd worden in wat zij waarnemen, voelen en beleven. Zij hebben ouders nodig die naast hen staan. Ouders die niet voortdurend bezig zijn met de buitenwereld, maar hun aandacht richten op het kind zelf. Zij hebben behoefte aan relaties die gebaseerd zijn op zingeving en echtheid. Ze willen zichzelf gespiegeld zien en begeleid worden in het expressie geven aan hun innerlijke wereld. Want alleen dan kunnen zij opgroeien tot volwassenen die zélf expressie geven aan hun innerlijke wereld. Alleen dan leren zij om te gaan met hun gevoeligheid en begaafdheid.

        Dit was een korte samenvatting van enkele hoofdstukken uit de brochure 'In helende relatie tot je kind'.
        Voor meer informatie over deze brochure, klik hier.

vorige pagina...

 

LiHSK
   Wat is LiHSK?
   Nieuws
   Contact

   E-mail

Hoogsensitieve
kinderen
   Beschrijving
   Kenmerken
   Vgl. stoornissen
   Vgl. hoogbegaafdheid

Begeleiding
   Opvoeding
   Onderwijs
   Omgeving

Service
   Informatietelefoon
   Hulp op maat
   Lezingen
   Workshops
   Artikelen (online)
   Veel gestelde vragen

Producten
   Webshop
   Brochures
   Werkboek voor kinderen
   Kinderboeken

   Home