In onze extraverte maatschappij wordt huilen nogal eens gezien als een teken van zwakheid. De opvatting is nog te vaak dat een kind dat huilt zich gedraagt als slachtoffer. Ik kan niet voor alle kinderen spreken, maar voor hoogsensitieve kinderen gaat dit zeker niet op.
Indien een hoogsensitief kind huilt geeft hij daarmee een signaal. Hij zegt als het ware: “Iets was voor mij overweldigend. Ik moet de spanning ervan even kwijt en ik heb iemand nodig die me doet begrijpen wat er precies allemaal gebeurt.” Een juiste reactie daarop is bevestiging geven aan het gevoel van het kind en woorden geven aan de oorzaak en achtergrond van dat gevoel.

Tijdens de Sinterklaasviering trekt Vera zich ineens terug in een hoek van het lokaal. Juf loopt naar haar toe, knielt bij haar neer en zegt op zachte, vriendelijke toon: “Ik zie dat je wat stil bent en ik een hoekje bent gaan zitten. Ben je moe?”
Als Vera knikt vraagt juf: “Kan het misschien zijn dat het een beetje druk is om je heen? Veel lawaai en zo?”
Vera denkt even na en knikt dan opnieuw.

Juf heeft op een heel feitelijke, objectieve manier betekenis en woorden gegeven aan Vera’s gedrag. Door die niet-oordelende houding weet Vera dat ze goed gehandeld heeft toen ze zich even terugtrok (ze heeft goed voor zichzelf en haar gevoeligheid gezorgd) en ze begrijpt nu dat ze zich moe voelde door de drukte en het lawaai om haar heen. Door de begripvolle, rustige houding van de juf ervaart Vera zich gesteund en veilig in de klas.

Uit: Gevoeligheid in de klas, (c) Gerarda van der Veen